Gemeenten niet voorbereid op inwonende ouders

Geplaatst op: woensdag 9 april 2014

Steeds meer kinderen en ouder wordende ouders gaan samenwonen, blijkt uit de praktijk van Netwerk Notarissen. Dit is in lijn met het regeringsbeleid waarin ouderen langer thuis moeten blijven wonen. Bij het realiseren van de woonoplossing lopen ouders en kinderen bij de gemeente tegen problemen aan. Dat komt omdat gemeenten nog onvoldoende beleid hebben voor inwonende ouders. Dit blijkt uit een enquête van Netwerk Notarissen, die gehouden is onder 50 gemeenten.

Maatschappelijke trend
De bij Netwerk Notarissen aangesloten notarissen zien dat de trend van het in huis nemen van de ouder wordende ouders al is ingezet. Er komen ouders en kinderen naar onze notarispraktijken voor advies bij een woonoplossing. Bij de inrichting van de woonoplossing, bijvoorbeeld door twee huisnummers voor één woning of een vergunning voor te bouwen woonruimte in de tuin, lopen Netwerknotarissen tegen obstakels bij gemeenten.

Beleid
Uit de enquête van Netwerk Notarissen blijkt dat gemeenten nog niet voldoende zijn voorbereid op het fenomeen inwonende ouders. 40% van de gemeenten heeft (nog) geen beleid voor inwonende ouders geformuleerd. Hierdoor zijn ouders en kinderen aangewezen op bestaand beleid dat het samenwonen er niet eenvoudiger op maakt.
Daarnaast ontbreekt er communicatie vanuit de overheid naar de burger. Slechts twee van de 50 ondervraagde gemeenten communiceren actief over dit onderwerp met haar inwoners. Bovendien ontbreekt het bij bijna alle gemeenten aan een vaste contactpersoon voor burgers met vragen over het samen wonen van ouders en kinderen. Slechts vijf gemeenten hebben een vaste contactpersoon voor dit onderwerp.

Praktische vragen
Bij ouders en kinderen die gaan samenwonen is er veelal behoefte aan zelfstandigheid. Dit uit zich in de wens voor een extra huisnummer zodat de kinderen en ouders hun eigen post krijgen. Kort geleden maakten we met een cliënt mee dat hij en zijn vrouw zijn moeder in huis namen. Er waren twee voordeuren in het huis gecreëerd. Er moest een kleine verbouwing in  het huis plaatsvinden voordat moeder kon komen, die moeder financierde door belastingvrij aan de zoon te schenken. Toen de zoon bij de gemeente vroeg om een huisnummer voor moeder kreeg hij nul op het rekest. Het huis moest eerst bij de notaris worden gesplitst, met alle kosten van dien. Bovendien werd moeder gekort op de AOW nadat zij zich bij de gemeente had had laten overschrijven naar het adres van de zoon.

Als de ouders en kinderen over willen gaan tot splitsing van de woning moet er een vergunning worden aangevraagd. Er is dan veelal geen uitzonderingspositie of speciaal beleid voor ouders en kinderen die bij elkaar willen gaan wonen. Ook als in de tuin of op het erf van de kinderen een onderkomen voor de ouders wordt gebouwd, loopt de burger tegen veel regels aan. Er is voor de ouders en kinderen die in het kader van de mantelzorg samen willen wonen nu nog geen uitzonderingspositie.

Politieke agenda
Netwerk Notarissen merken dat gemeenten onvoldoende zijn voorbereid of mee kunnen denken in oplossingen voor ouders en kinderen. Kinderen trekken zich de zorg van hun ouders aan maar vinden weinig medewerking van de gemeente. Zij willen daarom het onderwerp met voorrang op de politieke agenda zetten. 
Per 1 oktober wordt het bouwen in de tuin of op het erf van een mantelzorgwoning vergunningvrij. Deze nieuwe regeling is nog best ingewikkeld en er moet al sprake zijn van mantelzorg. Wij zien in de praktijk dat ouders en kinderen al samen gaan wonen als de ouders nog geen zorg nodig hebben. Veel situaties, zoals het wonen in het zelfde huis door ouders en kinderen blijven echter ongeregeld.